Eenmaal geschikte stof, geschikt patroon, en je kan knallen met die hap. Knippen, locken, en gauw de panden in elkaar spelden. Met duidelijk aangegeven markeringspunten en een dik speldenkussen vol spelden kun je lekker meters maken. Maar natuurlijk had ik nog wel wat tegenslagen...
Zo was the rits die ik op de kop had getikt een japonrits en geen blinde rits. Nu kan ik die prima in een jurk inzetten, maar ik vind het altijd een beetje goedkoop ogen. Een blinde rits is gewoon echt bijna onzichtbaar. Alleen het runnertje aan de bovenkant kun je maar zien, en dat is voor larp al bijna te veel.
Maar ja, een blinde rits is echt een peulenschil om in te zetten als je het juiste voetje ervoor hebt, terwijl een japonrits toch een onderslag of ondertree nodig heeft om veilig te bewegen en je blijft er altijd stiksels van in de bovenstof zien.
Daarnaast moesten er natuurlijk nog versierinkjes bijgehaald worden. Ik had een heel mooi sierband van 4 centimeter breed, maar rondom de hals zou dat echt te breed zijn. De schouder was maar net breder, dus zulk breed lint bij de hals zou lelijk zijn. Ik zocht bij Smitje een ander band uit, en kwam met twee verschillende terug op het atelier. De gevlochten band heeft donkergroen erin, dus is misschien toch niet helemaal geschikt maar dat was onder de lichtomstandigheden bij Smitje niet te zien. De andere is goud met zwart. Deze zocht ik uit omdat het brede band ook veel zwart erin heeft.

Ik had me voorgenomen om de jurk toch te voeren. Het is prachtige wol en oh wat is het fijn om ermee te werken, maar het is ook vrij dun en soepel. Een laagje extra erin zou niet misstaan en is vast lekker warm.
Het stuk petrolkleurige katoen wat ik nog had liggen was groot genoeg voor het lijfje tot de taillelijn. Voor de rokdelen en de mouwen kon ik prima uit de voeten met een petrolkleurige antistatische voering. Onder mijn larpjapons draag ik altijd een legging met beenwarmers (in de winter) en een shift, dus de rokken moeten wel glad kunnen bewegen over de legging en het is ook fijn als je de lange mouwen van het shift makkelijk in de mouwen van de japon krijgt.
Waarom dan de katoen? Dat is wat steviger, dus dan houdt het lijfje zijn vorm beter, en het ademt beter. Ik hoop dat ik dus niet al te snel naar zweetluchtjes ga ruiken.
Natuurlijk had ik de panden niet hoeven aflocken als ik de jurk toch ging voeren. Ik had me echter niet van het begin af aan voorgenomen om de jurk te gaan voeren, dat bedacht ik me pas later. Ik had netjes alles op de nadenrol gestreken dus de locksteek was niet in de wol gedrukt en zag je niet door de panden heen. De voeringdelen heb ik dan maar niet afgelockt, dat scheelde weer werk.
Ik hoopte maar dat de andere naden niet al te zichtbaar zouden zijn: daar waar de belegdelen aan de voering en de delen van het lijfje aan de rok gemaakt zouden worden. Want de voering heeft een naad op de taille, maar de buitenjapon van wol heeft dat niet.

Ik kon het niet laten om veel te passen. Vrijdag voordat ik naar huis ging zat de jurk in elkaar en zat de rits en het halsbeleg er ook in. De voeringdelen waren nog apart, want ik wilde eerst de mouwen inzetten in zowel de japon als de voering voordat ik verder zou gaan.
Bij het passen viel het me wel op dat de halslijn met het kleine V-tje toch af ging staan van het lijf. Ik hoopte dat met het verstevigen van het beleg daar nog iets weerstand tegen geboden kon gaan worden, maar eigenlijk wilde ik het gewoon echt voorkomen. Een nieuw midden-voorpand knippen is natuurlijk geen optie want de stof is echt helemaal op.
In mijn bak met linten vond ik een turquoise lintje van 5mm breed, wat ik om wat voor reden ooit gekocht en bewaard had. Het was even priegelen om die uit de bovenkant van de V te laten komen, en de uiteinden tussen het pand en het beleg weg te werken zodat je aan de binnenkant geen rafelig lintje zou zien. Het was vooral lastig om de hoek en richting goed te krijgen, maar uiteindelijk zat er een horizontaal lintje die het driehoekje bij elkaar hield om te voorkomen dat de puntjes om zouden klappen.
Normaal gesproken zou je de belegdelen langs de hals (en elders) verstevigen met een vlieseline. Dat heb ik niet gedaan, want ik had al gemerkt dat een stof die je prima met stoom kan strijken onder de plakpers nog wel eens krimpt. Ik snap niet helemaal waarom dat gebeurt, of het de lijm is die samentrekt of de stof te lang onder de hitte ligt, maar daarom durfde ik de belegdelen niet met vlieseline te beplakken.
In plaats daarvan dook ik mijn bak met vlieseline in voor een restje innaaibaar binnenwerk. Daar vond ik een restje wolhaar, wat ik gebruikt had om mijn winterjas mee te verstevigen. Het paste niet helemaal uit de resten die ik had, maar met een simpele zigzag kun je restjes aan elkaar zetten zonder overlap, en dan hoef je niet een nieuw stuk van de rol af te knippen.
Ik had het halsbeleg al aan de jurk vastgemaakt dus alles moest weer even in een draai gedraaid worden om erbij te kunnen, maar het met de hand vastzetten van het binnenwerk is een heerlijk rustgevend klusje. En een binnenwerk van 50% wol is vast warmer dan eentje van H180, ook al is het maar een streepje van 4 centimeter langs je hals en zet het dus echt geen zoden aan de dijk.
Omdat Menno toch moest werken dit weekend, ben ik op zondag heel zoet op het atelier gaan spelen. Ik verstevigde de halsbelegdelen met het wolhaar en zette de mouwen erin en daarna die van de voering ook. Ook kon ik de voering erin zetten en eens goed kijken naar de pasvorm. Want vaker passen is echt wel een leuke bezigheid als het zo mooi zit.
Nu komen de laatste loodjes: de zoom, het vastzetten van de voering langs de rits, en het bedenken waar al die mooie bandjes mogen gaan komen.
Wordt vervolgd....
Zo was the rits die ik op de kop had getikt een japonrits en geen blinde rits. Nu kan ik die prima in een jurk inzetten, maar ik vind het altijd een beetje goedkoop ogen. Een blinde rits is gewoon echt bijna onzichtbaar. Alleen het runnertje aan de bovenkant kun je maar zien, en dat is voor larp al bijna te veel.
Maar ja, een blinde rits is echt een peulenschil om in te zetten als je het juiste voetje ervoor hebt, terwijl een japonrits toch een onderslag of ondertree nodig heeft om veilig te bewegen en je blijft er altijd stiksels van in de bovenstof zien.
Daarnaast moesten er natuurlijk nog versierinkjes bijgehaald worden. Ik had een heel mooi sierband van 4 centimeter breed, maar rondom de hals zou dat echt te breed zijn. De schouder was maar net breder, dus zulk breed lint bij de hals zou lelijk zijn. Ik zocht bij Smitje een ander band uit, en kwam met twee verschillende terug op het atelier. De gevlochten band heeft donkergroen erin, dus is misschien toch niet helemaal geschikt maar dat was onder de lichtomstandigheden bij Smitje niet te zien. De andere is goud met zwart. Deze zocht ik uit omdat het brede band ook veel zwart erin heeft.

Ik had me voorgenomen om de jurk toch te voeren. Het is prachtige wol en oh wat is het fijn om ermee te werken, maar het is ook vrij dun en soepel. Een laagje extra erin zou niet misstaan en is vast lekker warm.
Het stuk petrolkleurige katoen wat ik nog had liggen was groot genoeg voor het lijfje tot de taillelijn. Voor de rokdelen en de mouwen kon ik prima uit de voeten met een petrolkleurige antistatische voering. Onder mijn larpjapons draag ik altijd een legging met beenwarmers (in de winter) en een shift, dus de rokken moeten wel glad kunnen bewegen over de legging en het is ook fijn als je de lange mouwen van het shift makkelijk in de mouwen van de japon krijgt.
Waarom dan de katoen? Dat is wat steviger, dus dan houdt het lijfje zijn vorm beter, en het ademt beter. Ik hoop dat ik dus niet al te snel naar zweetluchtjes ga ruiken.
Natuurlijk had ik de panden niet hoeven aflocken als ik de jurk toch ging voeren. Ik had me echter niet van het begin af aan voorgenomen om de jurk te gaan voeren, dat bedacht ik me pas later. Ik had netjes alles op de nadenrol gestreken dus de locksteek was niet in de wol gedrukt en zag je niet door de panden heen. De voeringdelen heb ik dan maar niet afgelockt, dat scheelde weer werk.
Ik hoopte maar dat de andere naden niet al te zichtbaar zouden zijn: daar waar de belegdelen aan de voering en de delen van het lijfje aan de rok gemaakt zouden worden. Want de voering heeft een naad op de taille, maar de buitenjapon van wol heeft dat niet.

Ik kon het niet laten om veel te passen. Vrijdag voordat ik naar huis ging zat de jurk in elkaar en zat de rits en het halsbeleg er ook in. De voeringdelen waren nog apart, want ik wilde eerst de mouwen inzetten in zowel de japon als de voering voordat ik verder zou gaan.
Bij het passen viel het me wel op dat de halslijn met het kleine V-tje toch af ging staan van het lijf. Ik hoopte dat met het verstevigen van het beleg daar nog iets weerstand tegen geboden kon gaan worden, maar eigenlijk wilde ik het gewoon echt voorkomen. Een nieuw midden-voorpand knippen is natuurlijk geen optie want de stof is echt helemaal op.
In mijn bak met linten vond ik een turquoise lintje van 5mm breed, wat ik om wat voor reden ooit gekocht en bewaard had. Het was even priegelen om die uit de bovenkant van de V te laten komen, en de uiteinden tussen het pand en het beleg weg te werken zodat je aan de binnenkant geen rafelig lintje zou zien. Het was vooral lastig om de hoek en richting goed te krijgen, maar uiteindelijk zat er een horizontaal lintje die het driehoekje bij elkaar hield om te voorkomen dat de puntjes om zouden klappen.
Normaal gesproken zou je de belegdelen langs de hals (en elders) verstevigen met een vlieseline. Dat heb ik niet gedaan, want ik had al gemerkt dat een stof die je prima met stoom kan strijken onder de plakpers nog wel eens krimpt. Ik snap niet helemaal waarom dat gebeurt, of het de lijm is die samentrekt of de stof te lang onder de hitte ligt, maar daarom durfde ik de belegdelen niet met vlieseline te beplakken.
In plaats daarvan dook ik mijn bak met vlieseline in voor een restje innaaibaar binnenwerk. Daar vond ik een restje wolhaar, wat ik gebruikt had om mijn winterjas mee te verstevigen. Het paste niet helemaal uit de resten die ik had, maar met een simpele zigzag kun je restjes aan elkaar zetten zonder overlap, en dan hoef je niet een nieuw stuk van de rol af te knippen.
Ik had het halsbeleg al aan de jurk vastgemaakt dus alles moest weer even in een draai gedraaid worden om erbij te kunnen, maar het met de hand vastzetten van het binnenwerk is een heerlijk rustgevend klusje. En een binnenwerk van 50% wol is vast warmer dan eentje van H180, ook al is het maar een streepje van 4 centimeter langs je hals en zet het dus echt geen zoden aan de dijk.
Omdat Menno toch moest werken dit weekend, ben ik op zondag heel zoet op het atelier gaan spelen. Ik verstevigde de halsbelegdelen met het wolhaar en zette de mouwen erin en daarna die van de voering ook. Ook kon ik de voering erin zetten en eens goed kijken naar de pasvorm. Want vaker passen is echt wel een leuke bezigheid als het zo mooi zit.
Nu komen de laatste loodjes: de zoom, het vastzetten van de voering langs de rits, en het bedenken waar al die mooie bandjes mogen gaan komen.